LOS Column April

 

                                          Natuurlijk

 Ondanks zijn spraakgebrek kan mijn bovenbuurman Bob beestachtig leuk over de natuur vertellen. Hij is zelfbenoemd stadsbioloog en je kunt hem inhuren voor een groene stadswandeling (telefoonnummer bekend bij de redactie). Helaas stottert hij zo verschrikkelijk dat je er een hele dag voor moet uittrekken maar dan weet je ook precies hoe het met de bomen en de dieren in Leiden gaat. Aan zijn onverzorgde baard en zijn bruine tanden kan je al zien dat hij de natuur het liefst zijn eigen gang laat gaan. Dat is ook de reden dat hij niets aan zijn gestotter wil doen. Of zoals hij het zelf zegt: “elk vogeltje zingt zoals het gebekt is.”

Bob is erg verheugd dat Dick de Vos (!) van de Partij voor de Dieren beter uit zijn woorden kan komen en zelfs door zijn collega’s in het stadhuis tot Leids politicus van jaar is benoemd. Dit betekend namelijk dat er door de groene volksvertegenwoordiger niet alleen maar oeverloos gekwaakt wordt maar dat hij als een leeuw vecht voor de lokale dierenbelangen. Mijnheer de Vos wil bijvoorbeeld niet dat er valken worden ingezet om de overlast van de meeuwen in de stad tegen te gaan. Het lijkt mij juist bio-logisch om een natuurlijke vijand in te zetten. Ik was benieuwd wat mijn bovenbuurman van al deze dierenmanieren vond en ik vroeg hem daarom een avond mee uit.

Achteraf was het niet zo slim van me om met hem naar de bioscoopkraker The King’s Speech te gaan. Die film gaat immers over een sullige koning die met zijn spraakgebrek worstelt. Bob vertelde dat hij liever naar porno kijkt omdat in die films veruit het meest natuurlijk geacteerd wordt. Gelukkig was hij wel te spreken over het diner dat ik hem aanbood in de nieuwe zaak van horecatycoon Ben Luykx op de Beestenmarkt. Hij stortte zich op de T- bone steak in Bennies als een uitgehongerde roedel wolven op een prooi.

Met het vet druipend langs zijn kin hakkelde hij dat het vlees zo lekker was dat het dier waarvan het van de botten was gescheurd wel een gelukkig leven moet hebben gehad. “Het is eten of gegeten worden in deze urban jungle”, antwoorde Bob op mijn vraag of hij het niet zielig vond. Toen we na het eten de Beestenmarkt opliepen probeerde de politie net een vechtpartij in de kiem te smoren. Ik wilde Bob nog tegenhouden maar hij moest zich ermee bemoeien. Hij snauwde tegen de agenten dat ze niet moesten ingrijpen. “Haantjesgedrag bij adolescente mensenjongen is heel normaal als er geen wijfjes genoeg zijn om mee te paren”, probeerde hij uit te leggen, “bovendien wordt door deze stoeipartijen de onderlinge pikorde bepaald.” De woorden kwamen er zonder stotteren uit, heel natuurlijk.

Reacties zijn gesloten.