Tagarchief: Beestenmarkt

Revanche

 ImageIk zie verschrikkelijk op tegen het WK voetbal. Tijdens vorige toernooien heb ik me namelijk zodanig misdragen in de Leidse sportcafés dat ik er niet meer in kom. Een kroegverbod dus. Vier jaar gelden liep het tijdens het kijken naar de WK wedstrijden in Zuid- Afrika volledig uit de hand met mij. Bij elke wedstrijd van het Nederland elftal dreef ik de andere oranjefanaten tot wanhoop met mijn emotionele huil- en schreeuw partijen over scheidsrechters en wissels. Daarbij trok ik oranje mutsen over hoofden, hing mensen in de rood- wit- blauwe slingers aan het plafond en pleegde herhaaldelijk schennis met de Nederlandse vlag.  Mijn gedrag rond de verloren finale tegen Spanje vormde het dramatische dieptepunt. Ik heb dingen met die gekke vuvuzela’s gedaan die je niet voor mogelijk houdt en tot diep in de nacht  imiteerde ik de karatetrap van Nigel de Jong.   

Ik besloot: dat nooit weer. Vier jaar lang heb ik me verdiept in meditatie en yoga om ervoor te zorgen dat ik mezelf tijdens het aanstaande WK niet opnieuw belachelijk maak. Het heeft niet mogen baten, als het om dat stomme balspelletje gaat word ik nooit zen. Ik ben alweer helemaal in de WK-stemming. Nadat ik vorige week  bij de groenteboer was geweest, stond ik midden op de Beestenmarkt ineens te jongleren met een bloemkool en kopte ik spontaan een aantal sinaasappels bij de MacDonalds naar binnen. Sinds een paar dagen draag ik continue voetbalschoenen en scheenbeschermers, dus ook onder mijn pak en mijn pyjama. Gisteren schoffelde ik bijna mijn nietsvermoedende en onschuldige echtgenote onderuit terwijl er gen bal in de buurt was. En het wordt dus steeds erger. Bij het horen van onschuldige woorden als ‘kaart’, ‘gras’ of ‘helft’ maak ik schwalbes en lig ik kermend op de grond.

En dan is het WK nog niet eens begonnen…Tijd om mijn oranje geschminkte kop uit het zand te trekken en niet langer om de hete voetbalbrij heen draaien. Als ik dan per se voetbal moet kijken, kan ik me maar beter tegen mezelf in bescherming nemen. Ik heb daarom met de politie afgesproken dat ik de wedstrijden van het Nederlands elftal op het bureau aan de Langegracht mag kijken. Ik laat me preventief opsluiten, een andere uitweg zie ik niet. Dat ik Oranje op een klein schermpje moet  bekijken, mag de pret niet drukken. Ik voel me bevrijd, ik heb er plotseling weer enorm veel zin in! De eerste wedstrijd is tegen die vermaledijde Spanjaarden. Tijd voor revanche! Niet alleen voor het Nederlands elftal maar vooral ook voor mijzelf.

Kleur

logoDe gemeente Leiden maakte laatst met veel bombarie bekend dat de Beestenmarkt en de Turfmarkt samen één groot terrassenplein moeten worden. Dat is natuurlijk een heel goed idee! We willen toch allemaal wel een levendig plein midden in de stad vol met kleurige terrassen en feestelijke parasols? De gemeente vond het belangrijk te benadrukken dat ze dit plan samen met de ondernemers gaat realiseren. Jammer dus dat veel van deze ondernemers dit nieuws in de krant moesten lezen. Vooral bij de rederijen aan de Beestenmarkt verdween alle kleur uit de gezichten want die komen in de nieuwe plannen niet meer voor. Aan zulke slechte communicatie zou je je toch groen en geel ergeren?

Wat ondertussen wel goed is over gekomen zijn de nieuwe terraseisen van de gemeente. Terrasmeubilair moet voortaan van hout of riet zijn en mag alleen nog maar in gedekte tinten zijn uitgevoerd. Dit zou betekenen dat alle gekleurde stoeltjes en tafels van de bestaande terrassen weg moeten en dat ons nieuwe terrassenplein een kleurloze boel wordt. Onbegrijpelijk dit. We willen toch geen grijstinten of schutkleuren als we in de zomer een terrasje pikken, maar kleuren die plezier en levenslust uitdrukken? Ik krijg hier een rode waas van voor mijn ogen.

Straks bepaalt de gemeente ook nog in welke kleur uw boot geschilderd moet zijn voor u mag aanleggen bij de Beestenmarkt. Want de plek waar nu de rederijen zijn mogen straks particulieren aanmeren aan een nieuwe brede kade. Maar wat is daar nog aan als er alleen maar schepen in vijftig tinten grijs liggen? Als het zo door gaat mag je straks alleen nog maar op het terras van de Beestenmarkt zitten als je je aan de belachelijke gemeentelijke kleurvoorschriften houdt. Zomerjurkjes en korte broeken uitgevoerd in gedekte tinten. Ik word niet vrolijk van een plein vol grijze muizen.

Natuurlijk ben ik blij met het plan voor een groot terrassenplein. Maar het kan toch niet zo zijn dat de gemeente bepaalt op wat voor stoel we gaan zitten? Dit vraagt om actie. Ik stel voor dat we binnenkort een Sit-in op de Beestenmarkt organiseren. Iedereen neemt een stoel in zijn lievelingskleur mee om lekker op te zitten. We nodigen dan het bestuur van onze stad voor een borrel uit om te laten zien dat hun vrijheid beperkende maatregelen ons niet lekker zit. Ongetwijfeld beseffen de beleidmakers bij het zien van zo’n feestelijk plein dat ze de hele kwestie te zwart-wit gesteld hadden en zijn ze bereid kleur te bekennen door de terrasseneis te schrappen.

LOS Column April

 

                                          Natuurlijk

 Ondanks zijn spraakgebrek kan mijn bovenbuurman Bob beestachtig leuk over de natuur vertellen. Hij is zelfbenoemd stadsbioloog en je kunt hem inhuren voor een groene stadswandeling (telefoonnummer bekend bij de redactie). Helaas stottert hij zo verschrikkelijk dat je er een hele dag voor moet uittrekken maar dan weet je ook precies hoe het met de bomen en de dieren in Leiden gaat. Aan zijn onverzorgde baard en zijn bruine tanden kan je al zien dat hij de natuur het liefst zijn eigen gang laat gaan. Dat is ook de reden dat hij niets aan zijn gestotter wil doen. Of zoals hij het zelf zegt: “elk vogeltje zingt zoals het gebekt is.”

Bob is erg verheugd dat Dick de Vos (!) van de Partij voor de Dieren beter uit zijn woorden kan komen en zelfs door zijn collega’s in het stadhuis tot Leids politicus van jaar is benoemd. Dit betekend namelijk dat er door de groene volksvertegenwoordiger niet alleen maar oeverloos gekwaakt wordt maar dat hij als een leeuw vecht voor de lokale dierenbelangen. Mijnheer de Vos wil bijvoorbeeld niet dat er valken worden ingezet om de overlast van de meeuwen in de stad tegen te gaan. Het lijkt mij juist bio-logisch om een natuurlijke vijand in te zetten. Ik was benieuwd wat mijn bovenbuurman van al deze dierenmanieren vond en ik vroeg hem daarom een avond mee uit.

Achteraf was het niet zo slim van me om met hem naar de bioscoopkraker The King’s Speech te gaan. Die film gaat immers over een sullige koning die met zijn spraakgebrek worstelt. Bob vertelde dat hij liever naar porno kijkt omdat in die films veruit het meest natuurlijk geacteerd wordt. Gelukkig was hij wel te spreken over het diner dat ik hem aanbood in de nieuwe zaak van horecatycoon Ben Luykx op de Beestenmarkt. Hij stortte zich op de T- bone steak in Bennies als een uitgehongerde roedel wolven op een prooi.

Met het vet druipend langs zijn kin hakkelde hij dat het vlees zo lekker was dat het dier waarvan het van de botten was gescheurd wel een gelukkig leven moet hebben gehad. “Het is eten of gegeten worden in deze urban jungle”, antwoorde Bob op mijn vraag of hij het niet zielig vond. Toen we na het eten de Beestenmarkt opliepen probeerde de politie net een vechtpartij in de kiem te smoren. Ik wilde Bob nog tegenhouden maar hij moest zich ermee bemoeien. Hij snauwde tegen de agenten dat ze niet moesten ingrijpen. “Haantjesgedrag bij adolescente mensenjongen is heel normaal als er geen wijfjes genoeg zijn om mee te paren”, probeerde hij uit te leggen, “bovendien wordt door deze stoeipartijen de onderlinge pikorde bepaald.” De woorden kwamen er zonder stotteren uit, heel natuurlijk.