Tagarchief: trein

Goeroe TV

Het was gelukt. Bram van Lus was ontsnapt aan de beklemmende aandacht van zijn volgelingen. Het is natuurlijk absurd dat een spiritueel leider een list moet verzinnen om er even tussenuit te knijpen. Goeroe onwaardig vond hij het. Volgens plan ontdekte één van zijn discipelen dat de inhoud van het donatiepotje voor zielige Tibetaanse monniken was verdwenen. En zoals verwacht had waren alle drie zijn discipelen al snel op zoek naar het kleingeld. Het leken wel een stelletje broedse kippen, dacht Bram, zoals ze plotseling rondscharrelden in de door hem ingewijde rijtjeswoning. Misschien zat er nog wel een aardig idee in voor een actieve meditatie, schoot hem te binnen; pluimvee-therapie voor dolende zielen ofzo. Hij kon zijn volgelingen de gekste dingen laten doen, maar hem ergens alleen naar toe laten gaan stonden ze niet toe. Daar vonden ze hem te kwetsbaar voor. Dat hadden ze in een groepsgesprek voorzichtig aangegeven. Bram deed net alsof hij mee zocht naar het kleingeld en slofte langzaam in de richting van de gang van het spiritueel centrum. In het nauwe halletje griste hij nog snel een wollen vest van één van zijn volgelingen mee en glipte stilletjes naar buiten.

De goeroe haastte zich door de smalle straten van het provinciestadje. Hij voelde zich bevrijd, zo zonder de kritische blikken van zijn discipelen. Het viel heus niet altijd mee om een goeroe te zijn maar nu huppelde hij bijna van vrolijkheid. Het was vrijdagmiddag en het regende een beetje. Niemand volgde hem, constateerde hij tevreden toen hij bij het oversteken van het kerkplein even achterom keek. Een beetje bezweet maar erg opgewonden zat hij tien minuten later in de trein naar Amsterdam. Hij  jeukte even in zijn hals maar was vergeten dat hij die paar rotcenten uit het donatiepotje nog in zijn hand had. Het kleingeld rolde door de stiltecoupe. Bram vloekte binnensmonds en liet zich door zijn stramme knieën zakken om de muntjes van twintig en vijftig cent bij elkaar te rapen.

De man van de commerciële tv had gezegd dat Bram altijd welkom was om te komen praten over een televisieprogramma. Nou, hij was onderweg hoor. De trein waarin hij zat doorsneed comfortabel het lentelandschap en stopte niet bij elk lullig stationnetje.  De mediaman had hem benaderd op een spirituele beurs in Voorburg. Hij beweerde dat hij de aurareading  die Van Lus hem had gegeven had een openbaring vond. ‘Het was een spirituele doorbraak,’ had hij gezegd. ‘De wereld heeft gewoon meer inspirators zoals u nodig.’ Bram van Lus bloosde ervan. ‘Mensen hebben behoefte aan sturing, een spiritueel kompas,’ reageerde Bram zalvend, ‘ik ben er om in die behoefte te voorzien.’ De man legde uit dat hij een scout was voor de commerciële televisie en dat hij  altijd op zoek was naar nieuw talent. Samen hadden ze wat over een spiritueel programma gefantaseerd. ‘Goeroe TV’ noemde de talentenscout het. Hij had Bram zijn kaartje gegeven. Enthousiast vertelde van Lus later over deze ontmoeting aan zijn volgelingen. Hij overdreef een beetje. Hij zei dat de show waarschijnlijk ‘Goeroe TV met Bram van Lus’ ging heten. Zijn discipelen probeerden hem het idee uit het hoofd te praten. In feite waren zijn volgelingen gewoon een stelletje bezitterige vrouwen, vond Bram. Het was voor hem compleet duidelijk dat ze hem voor zichzelf wilden houden. De goeroe had gezegd dat hij via de massamedia veel meer mensen kon bereiken en helpen. Zijn kortzichtige discipelen waren niet onder de indruk. De Van Lus vrouwen zeiden bang te zijn dat hun goeroe op tv voor lul werd gezet. Bram werd weer boos als hij aan dat gesprek dacht.

Twee vrouwen van middelbare leeftijd kwamen tegenover hem in de trein zitten. Bram ergerde zich meteen al aan hen. Er was plek genoeg in de trein dus waarom moesten ze uitgerekend bij hem komen zitten? En waarom hielden ze hun klep niet? Was hij net aan het kippenhok in het Van Luscentrum ontsnapt en dan kreeg je dit onnozele gekwaak. Hij jeukte uitgebreid in zijn nek. Buiten flitsten de weilanden voorbij en het regende nog steeds. Zou hij de vrouwen aanspreken? Gewoon vragen of ze hun geroddel elders in de trein wilden voortzetten. Of was het beter om ze op de tekst ‘stiltecoupe’ te wijzen die met koeienletters op de ramen stond? Nee, hij besloot hun mind binnen te dringen met gedachtengolven en ze zo het zwijgen op te leggen. Hij was tenslotte een goeroe. Hij concentreerde zich een paar minuten op zijn ademhaling. Al snel voelde hij een pulserende energie in zijn onderbuik, het teken om in actie te komen. Hij fixeerde zijn blik op het voorhoofd van een van de vrouwen en startte een dwingende gedachtenmantra. ‘Zwijg mens, zwijg,’ zei hij indringend in zijn hoofd. Even leek de hypnose van Bram te werken maar dat was schijn. De vrouw waar hij zich op richtte luisterde toevallig net naar een uitgebreid relaas waar de ander aan begonnen was. Snel verplaatste hij zijn energie naar de meest babbelzieke van de twee. Verbeten  vuurde hij zijn mantragedachten op haar af. Het werkte niet, ze bleef woorden uitbraken. Bram voerde de intensiteit van zijn hypnose op. Het leek verdomme wel of het haar aanmoedigde. Hij waagde nog een laatste poging maar het lukte hem niet haar stil te krijgen. Die vrouwen zijn dus totaal niet spiritueel ingesteld, concludeerde Van Lus gefrustreerd.  Aan hem kon het niet liggen, maar verschrikkelijk irritant was het wel. Gelukkig stapten de vrouwen in Weesp uit. De jeuk die hij had beperkte zich niet meer tot zijn hals en nek maar breidde zich uit over zijn borst en zijn hele gezicht. Hij werd er gek van. Misschien was hij toch ook een beetje zenuwachtig.

Zouden die domme ganzen van volgelingen eigenlijk al door hebben dat hij weg was, dacht Van Lus, of liepen ze nog steeds als een stelletje zombies naar die rotcenten te zoeken? Bram had er genoeg van om omringt te zijn door beperkte geesten. Hij walgde van de stoffige zaaltjes die ze voor hem boekten voor spirituele bijeenkomsten. Van die ouderwetse buurthuizen waar domme tokkies en verveelde huisvrouwen op een wondertje zaten te wachten. De eeuwige kruidenthee en de misselijk makende wierook. Bah, hij wilde hogerop. Hij wilde volle theaterzalen met juichende mensen. Hij was toe aan massa healings met champagne arrangementen en een sexy showballet. De jeuk die zich nu over zijn hele bovenlichaam had verspreid werd hem nu echt teveel. Onderweg naar het toilet trok Bram van Lus dat rottige kriebelvest uit. De trein ging een bocht door en de goeroe raakte een beetje uit evenwicht.  De wc was bezet. Bram van Lus  sloeg met zijn vuisten op de deur en gromde. Dat hielp, een jongen van een jaar of twaalf kwam haastig de wc uit. Zie je wel, dacht hij, ik kan mensen best mijn wil opleggen. Hij sloot zichzelf op. Met zijn handen schepte hij water uit het fonteintje en gooide het tegen zijn gezicht en in zijn hals. Het leek wel alsof zijn huid in brand stond. Dat kwam allemaal door dat wollen klotevest dat hij zo nodig aan moest trekken. Hij keek in de spiegel. Er zaten rode vlekken op zijn wangen en in zijn hals liepen lange striemen door het hevige krabben. Bram zette zijn nagels op zijn hoofd en schuurde stevig door de ergste jeukhaarden.

De goeroe liep in zijn versleten hemd door Amsterdam. Het wollen vest waar zijn huid zo agressief op reageerde had hij in een vuilnisbak op het station gepropt. De route van het centraal station naar het kantoor van de commerciële tv had Bram thuis in het privédomein van het Van Luscentrum al bestudeerd. Het regende hard in de hoofdstad dus hij zette er flink de pas in. Hij had er wel eens voordeliger uitgezien dan vandaag, dat besefte hij heus wel. Maar de mediaman had hem al eens aan het werk gezien, die ging nu vast niet ineens op zijn uiterlijk letten. Een groepje druk pratende jongemannen liep hem bijna omver op het zebrapad. Bram siste en vloekte. De goeroe had het warm en koud tegelijk. Zijn hals voelde opgezet en slikken ging moeilijk. Ook had hij pijn in zijn hoofd gekregen. Maar hij was op pad voor een hoger doel, een betere wereld. Als hij dat nu maar de hele tijd bleef beseffen kwam het wel goed. Hij ging langzamer lopen nu, hij was vlak bij het kantoor van de commerciële televisie. Zijn hoofd barste bijna uit elkaar. Hij legde zijn handen even op zijn hoofd. Dat hielp meestal ook als hij dat bij anderen deed dus waarom bij hemzelf niet? Hij was tenslotte goeroe. Met zijn handen op zijn hoofd legde hij de laatste honderd meter af.

De receptioniste in het mediagebouw keek hem met afschuw aan. Zijn smoezelige natte hemd plakte aan zijn huid en zijn hals was rood opgezet. ‘Afspraak, met wie had u een afspraak?’ vroeg ze, niet eens heel onvriendelijk. Shit. Het visitekaartje van de mediaman zat in zijn jas die nog steeds op de eerste verdieping van het Van Luscentrum lag. Hoe heette de mediaman ook al weer? ‘Dolman, Doorman?’ probeerde Van Lus. De receptioniste zei dat niemand in het gebouw zo heette. Bram probeerde uit te leggen hoe de mediaman er uit zag. Achter hem vormde zich een rij, er waren nog meer mensen die iemand wilde spreken. ‘Hij had gezegd dat ik altijd langs kon komen,’ zei van Lus, ‘hij verwacht me.’ ‘Er is binnen de organisatie vast al over mij gesproken, ik ben die goeroe die een eigen televisieshow gaat maken.’ De receptioniste zuchtte. ‘Meneer alstublieft,’ zei ze, ‘misschien kunt u telefonisch opnieuw een afspraak maken. Ik kan nu niets voor u doen.’ Maar Bram van Lus liet zich niet zomaar weg sturen. ‘Kunt u niet een of andere programmamaker oproepen, of de directeur om mij te woord te staan,’ zei hij behoorlijk hard. ‘Nee.’ ‘Ik moet u nu echt verzoeken het pand te verlaten, of wilt u dat ik de beveiliging roep?’ zei de vrouw nu ferm. Wat zijn dit voor manieren, dacht de goeroe. ‘Wie denk je wel niet wie je bent?’ schreeuwde Bram. ‘Als Goeroe TV er straks komt ben jij de eerste die er hier uitvliegt, daar zal ik een punt van maken met de contractonderhandelingen.’ Ineens stond er een bewaker naast hem die hem het gebouw uit maande.

Bram van Lus liep vloekend en tierend heen en weer voor het mediagebouw. Het regende nog steeds. Vroeg of laat komt de mediaman toch op kantoor, redeneerde hij in zijn boze roes, en dan is alles natuurlijk snel geregeld. Terug naar het Van Luscentrum wilde hij niet meer, de fase met labiele volgelingen en provinciale zuinigheid was nu definitief voorbij.  Als je weet waar je bestemming is dan moet je volharden, praatte Bram zichzelf moed in. Boeddha en Jezus gaven ook niet zomaar op als ze weer eens belachelijk werden gemaakt. In de spiegelruiten van het mediagebouw zag hij dat hij de huid van zijn gezicht en hals tot bloedens toe kapot had gekrabd. Bram van Lus begon hysterisch te lachen. Eigenlijk klopte het plaatje helemaal. Eerst moet er natuurlijk nog pijn geleden worden door de aanstaande TV goeroe. De mediaman zal zijn doorzettingsvermogen vast en zeker kunnen waarderen, dat wist hij zeker. In een vuilnisbak voor het gebouw vond hij een stuk bouwplastic waarin hij zichzelf een beetje kon inpakken tegen de kou. Bram nam vastberaden plaats op de stoep voor het mediagebouw. Hij zwoer dat hij op die koude trottoirtegels zou blijven zitten tot de mediaman hem kwam verlossen. Hij wachtte.